Personal tools

Home Newsroom Legal News Nieuwe ontslagregeling vanaf 1 januari 2012
Advocaten | Avocats

Nieuwe ontslagregeling vanaf 1 januari 2012

last modified Feb 27, 2017 03:42 PM
Op 28 april 2012 werd in de het Belgisch Staatsblad de wet gepubliceerd die de nieuwe ontslagregels invoert in de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, zoals overeengekomen in het regeringscompromis rond het interprofessioneel akkoord 2011-2012 (1).

1. Toepassingsgebied

De nieuwe ontslagregeling zal van  toepassing zijn op arbeidsovereenkomsten met arbeiders en bedienden, waarvan de uitvoering – zoals overeengekomen tussen de werkgever en de werknemer – een aanvang heeft genomen vanaf 1 januari  2012.

Voor reeds bestaande arbeidsovereenkomsten waar reeds voor 1 januari 2012 uitvoering aan werd gegeven, blijft de bestaande regeling van toepassing.

Indien de werknemer een arbeidsovereenkomst met de werkgever sluit na 1 januari 2012, maar reeds voordien met dezelfde werkgever door een arbeidsovereenkomst is verbonden geweest en er tussen deze twee arbeidsovereenkomsten een onderbreking van minder dan zeven dagen ligt, dan zal eveneens de bestaande regeling van toepassing blijven.

2. Nieuwe opzeggingstermijnen

2.1. Arbeiders – verlenging van de opzeggingstermijn

Opzegging door de werkgever:


Anciënniteit

Opzeggingstermijn

< 6 maanden

28 dagen

≥ 6 maanden en < 5 jaar

40 dagen

≥ 5 jaar en < 10 jaar

48 dagen

≥ 10 jaar en < 15 jaar

64 dagen

≥ 15 jaar en < 20 jaar

97 dagen

20 jaar en meer

129 dagen

Opzegging door de arbeider:


Anciënniteit

Opzeggingstermijn

< 20 jaar

14 dagen

20 jaar en meer

28 dagen

De afwijkende opzeggingstermijnen die voor 1 januari 2012 op voorstel van de  paritaire comités bij K.B. werden vastgesteld, blijven voorlopig gelden. De paritaire comités moeten wel voor 1 januari 2013 onderzoeken of de afwijkende opzeggingstermijnen niet moeten worden aangepast in dezelfde verhouding (verhoging met coëfficiënt 1,15) als de nieuw ingevoerde regeling. Bij gebreke aan een voorstel hiertoe, zullen de afwijkende opzeggingstermijnen vanaf 1 januari 2013 worden verhoogd, zonder dat deze de nieuw ingevoerde opzeggingstermijnen voor arbeiders kunnen overschrijden.

2.2. De nieuwe regeling voor bedienden

Bedienden met een bruto jaarloon van minder dan 30.535 EUR

Voor de ‘lagere’ bedienden blijft de wettelijke minimum opzeggingstermijn van 3 maanden per begonnen schijf van 5 jaar anciënniteit behouden wanneer de opzegging uitgaat van de werkgever.

Indien de opzegging uitgaat van de bediende bedraagt de in acht te nemen opzeggingstermijn nog steeds de helft van die welke de werkgever moet naleven, met een maximum van 3 maanden.

Bedienden met een bruto jaarloon van meer dan 30.535 EUR

Voor de ‘hogere’ bedienden zal de bestaande regeling die bepaalt dat de opzeggingstermijn moet worden vastgesteld, hetzij bij overeenkomst tussen partijen ten vroegste op het ogenblik waarop de opzegging wordt gegeven, hetzij door de rechter (wat de facto meestal resulteert in een opzeggingstermijn volgens de zogenaamde ‘formule Claeys’), aanzienlijk worden gewijzigd.

Opzegging door de werkgever:


Anciënniteit

Opzeggingstermijn

 

01/01/2012

01/01/2014

< 3 jaar

91 dagen

91 dagen

≥ 3 jaar < 4 jaar

120 dagen

116 dagen

≥ 4 jaar en < 5 jaar

150 dagen

145 dagen

≥ 5 jaar en < 6 jaar

182 dagen

182 dagen

≥ 6 jaar

30 dagen per begonnen jaar anciënniteit

29 dagen per begonnen jaar anciënniteit

Opzegging door de bediende:


Anciënniteit

Opzeggingstermijn

< 5 jaar

45 dagen

≥ 5 jaar en < 10 jaar

90 dagen

≥ 10 jaar

135 dagen

≥ 15 jaar en een bruto jaarloon > 61.071 EUR

180 dagen

Er kunnen geen afwijkende opzeggingstermijnen worden vastgesteld bij C.A.O. op het niveau van de paritaire comités.

Bedienden met een bruto jaarloon van meer dan 61.071 EUR

Voor de ‘hoogste’ bedienden werd de mogelijkheid behouden om de door de werkgever in acht te nemen opzeggingstermijnen vast te stellen bij overeenkomst, gesloten ten laatste op het ogenblik van indiensttreding. De overeengekomen opzeggingstermijnen mogen niet korter zijn dan de wettelijke bepaalde minimum opzeggingstermijnen. Bij ontstentenis van overeenkomst, gelden dezelfde nieuwe opzeggingstermijnen als voor de ‘hogere’ bedienden.

3. Opzeggingsvergoeding bij niet-naleving van de opzeggingstermijnen

Wanneer de arbeidsovereenkomst van een arbeider of bediende wordt beëindigd zonder inachtneming van de toepasselijke opzeggingstermijn, zal een vergoeding verschuldigd zijn gelijk aan het lopend loon dat overeenstemt met de duur van de opzeggingstermijn, hetzij met het resterende gedeelte van die termijn.

Voor bedienden voorziet de nieuwe regeling een formule om het bruto dagloon te bepalen dat nodig is om de opzeggingsvergoeding te berekenen aangezien het loon van een bediende gewoonlijk per maand wordt vastgesteld:

Bruto dagloon bediende = lopend bruto maandloon x3/ 91

Contact: Renaat van den Eeckhaut

Click here to read French version
Click here to read English version

(1) Wet van 12 april 2011 houdende aanpassing van de wet van 1 februari 2011 houdende verlenging van de crisismaatregelen en uitvoering van het interprofessioneel akkoord, en tot uitvoering van het compromis van de Regering met betrekking tot het ontwerp van interprofessioneel akkoord, B.S. 28 april 2011.

Laga Newsletter

Subscribe button

Breakfast meetings

Bkfst_New                               

Laga organises regular breakfast meetings on the latest legal developments in employment, pensions and benefits. Participation is free of charge. Check our events page for more information on the next session.